
Bij middeninkomens (van 34.000 tot 43.000 bruto) betekent dat een huurverhoging van 4,5 procent, de hogere inkomens (vanaf 43.000) moeten rekenen op en verhoging van 6,5 procent.
De lagere inkomensgroepen worden geconfronteerd met een huurverhoging van 4 procent, met name bij deze groep en voor een deel bij de middeninkomens doen zich in toenemende mate de genoemde betalingsachterstanden voor.
Niet uitsluitend de huurverhogingen leveren problemen op. Uit de halfjaarlijkse Hypotheekbarometer van het Bureau Krediet Registratie (BKR) blijkt dat meer dan 100.000 woningbezitters hun hypotheekkosten niet meer kunnen betalen. Een extra probleem zijn de huishoudens waarbij de “woning onder water staat”, de waarde van de woning vertegenwoordigt dan niet meer de hypotheekschuld.